Hoogwater, stormvloed of extreme neerslag kunnen leiden tot een (dreigende) crisis. Om ons land en haar inwoners te waarschuwen, te informeren en zo goed mogelijk te beschermen is landelijke coördinatie nodig. De gezamenlijk gevoelde verantwoordelijkheid van Rijk en veiligheidsregio’s om als één crisisorganisatie op te treden bij crises rond hoogwater en (dreigende) overstromingen is vastgelegd in Het Landelijk Crisisplan Hoogwater en Overstromingen (LCP-HO). Dit LCP HO is geactualiseerd en in oktober 2026 vastgesteld in de Ministerraad. De actualisatie vond plaats onder coördinatie van het DCC-IenW in samenspraak met de partners van de Samenwerking Management Watercrises en Overstroming (SMWO): JenV, LVVN/KGG, DEF, veiligheidsregio’s, Unie van Waterschappen.

Doel

Het doel van het LCP-HO en bijbehorende koepelnotitie risico- en crisiscommunicatie is het bijdragen aan een effectieve crisisbeheersing tijdens de dreiging op of een feitelijke overstroming in Europees Nederland.

Het streven is om te waarborgen dat tijdens een (dreigende) overstromingscrisis - zoveel als mogelijk - wordt gewerkt volgens de generieke crisisstructuur van de (Rijks)overheid. Hiermee is dit plan een crisisplan geworden dat de basis vormt voor de voorbereiding op hoogwater en (dreigende) overstroming en extreme wateroverlast binnen en tussen alle overheidslagen en crisispartners in Europees Nederland en wordt de bovenregionale en nationale afstemming verbeterd.

Actualisatie

Uitgangspunten voor de actualisatie van het LCP-HO zijn het Nationaal Handboek Crisisbeheersing, het Landelijk Draaiboek Hoogwater en Overstromingen (LDHO) en het bestaande LCP-HO uit 2021. Het LCP-HO is een zelfstandig leesbaar plan met verwijzingen naar andere plannen.

De grootste wijzigingen zijn:  

  • De koepelnotitie is een geheel nieuw product, met aandacht voor grootschalige wateroverlast als gevolg van extreme regen.
  • Toevoeging van rollen en verantwoordelijkheden bij extreem weer in relatie tot wateroverlast.
  • Sleutelbesluiten hebben een centralere plek (eerder als bijlage opgenomen) en zijn verduidelijkt; Extra aandacht voor de (on)mogelijkheden bij noodoverloopgebieden.
  • De uitgewerkte scenario’s zijn opgebouwd uit ‘bouwstenen’. Dit zodat uit verschillende bouwstenen diverse scenario’s zijn samen te stellen wat behulpzaam is bij de inrichting van de crisisorganisatie en de aanpak van een crisis.

Verder zijn er een aantal kleinere wijzigingen doorgevoerd:

  • Opname van extra actoren die een rol kunnen hebben in de crisisbeheersing rondom Hoogwater en Overstromingen;
  • Opname onderscheid kleurcodering WMCN en KNMI, verantwoordelijkheden en rollen bij extreem weer;
  • Opname collegiale hulp, burgerinitiatieven;
  • Verbreden van risico- en crisiscommunicatie en nafase, waaronder weerbaarheid;
  • Verduidelijken en verbreden van scenario’s (zoals hybride scenario);
  • Minder generiek waar het kon;
  • Actualisatie van wetten en vitale processen;

Breed gedragen plan

Het LCP-HO is geactualiseerd onder coördinatie van het DCC-IenW in afstemming met de vertegenwoordigers van:

  • Unie van Waterschappen,
  • Rijkswaterstaat,
  • KNMI
  • Watermanagementcentrum Nederland,
  • Knooppunt Coördinatie Regio’s-Rijk (KCR2),
  • Ministerie van EZ/KGG, LVVN, Defensie,
  • Ministerie van IenW (DGWB, HBJZ en overige interne beleidsterreinen),  
  • Veiligheidsregio’s.

De Koepelnotitie risico- en crisiscommunicatie is onder leiding van de communicatieadviseurs van IenW (DCO) en het Nationaal Kernteam Crisiscommunicatie van het NCTV (NKC) in afstemming met de volgende partijen ontwikkeld:

  • Rijkswaterstaat,
  • Veiligheidsregio’s,
  • Unie van Waterschappen,
  • KNMI,
  • Waterschappen,
  • Gemeenten,
  • Ministerie van EZ/KGG en LVVN.

Organisaties die gedurende het actualisatietraject zijn geconsulteerd:

  • Veiligheidsberaad,
  • VNO-NCW,
  • Ministerie van OCW en BZK,
  • Vewin.