Samen sterker in een maritieme crisis
Van oefening naar praktijk
Een maritieme crisis vraagt om snelle informatie-uitwisseling, duidelijke rolverdeling en goede samenwerking. Maar onder welke omstandigheden bel je 's-nachts je directeur uit zijn of haar bed? Hoe en wanneer betrek je beleidsmedewerkers met inhoudelijke kennis van de materie? En welke informatie hebben bestuurders in de top van de organisatie nodig om tijdig de juiste afwegingen te maken?
Om die vragen te verkennen kwamen crisiscoordinatoren, managementteamleden, directieleden en directeuren-generaal van het Directoraat-Generaal Luchtvaart en Maritieme Zaken van het ministerie van Infrastructuur en Waterstaat voor een interactieve crisisoefening.
Elkaars verwachtingen verkennen
Tijdens de oefening werd een realistisch maritiem crisisscenario doorlopen rondom een aanvaring met een groot vrachtschip op de Noordzee. Daarbij lag de nadruk niet alleen op procedures en verantwoordelijkheden, maar vooral op de samenwerking tussen de verschillende schakels binnen de crisisorganisatie.
De deelnemers gingen met elkaar in gesprek over vragen die in de praktijk regelmatig spelen. Wanneer is een melding voldoende ernstig om op te schalen? Wie informeer je op welk moment? Welke informatie moet er voorhanden zijn om zo’n keuze te maken? En hoe zorg je ervoor dat bestuurders tijdig beschikken over de juiste informatie?
Door ontwikkelingen direct met elkaar te bespreken, ontstaat een gezamenlijk situational awareness en kunnen betrokkenen sneller bepalen welke acties nodig zijn. Dit versterkt de samenwerking binnen de crisisorganisatie en zorgt ervoor dat bestuurders en management tijdig beschikken over de informatie die nodig is om weloverwogen besluiten te nemen.
Belangrijke les: vroegtijdig informatie met elkaar uitwisselen
Een van de belangrijkste inzichten uit de oefening was het belang van vroegtijdig contact tussen de crisiscoördinator en het MT-lid met piket. Ook wanneer een incident in eerste instantie beperkt lijkt, kan de situatie zich snel ontwikkelen.
Door het MT-lid met piket vroegtijdig te informeren, ontstaat ruimte om gezamenlijk te beoordelen of verdere opschaling nodig is en of andere MT-leden, de directie of de DG moeten worden geïnformeerd. Zo blijft de organisatie de ontwikkelingen voor en worden verrassingen voorkomen.
Van oefening naar praktijk
Die les werd direct in de praktijk gebracht. Nog diezelfde middag vond op de Oosterschelde een maritiem incident plaats waarbij het passagiersschip Christiaan B vastliep bij de Oosterscheldekering. Uiteindelijk werden 136 passagiers en drie bemanningsleden geëvacueerd door onder meer de Koninklijke Nederlandse Redding Maatschappij (KNRM) en de Kustwacht. Bij het incident op de Oosterschelde werd het MT-lid al in een vroeg stadium betrokken.
Juist deze samenloop van oefenen en een daadwerkelijk incident onderstreepte de waarde van de middag. De oefening maakte zichtbaar hoe belangrijk duidelijke afspraken, korte lijnen en wederzijds begrip zijn om tijdens een crisis snel en effectief te kunnen handelen.
Samen voorbereid
De oefening onderstreepte het belang van regelmatig oefenen en het gezamenlijk bespreken van rollen, verantwoordelijkheden en verwachtingen. Door elkaar beter te kennen en te begrijpen wat iedere schakel nodig heeft, kan DGLM tijdens een crisis sneller schakelen en effectiever optreden. De komende periode worden de bevindingen en aanbevelingen uit de oefening meegenomen in de verdere doorontwikkeling van de crisisstructuur van de directie.