Een zoönose is een infectieziekte die van dier op mens kan worden overgedragen. Zoönosen bevinden zich op het snijvlak van publieke gezondheid, diergezondheid en leefomgeving.
Omdat mens, dier en omgeving hierbij direct met elkaar verbonden zijn, vragen zoönosen om een One Health-benadering. Dat betekent dat verschillende disciplines en ministeries samenwerken om signalen te duiden, risico’s te beoordelen en passende maatregelen te nemen.
Belang van crisisbeheersing
Zoönosen kunnen zich sneller ontwikkelen tot een complexe crisis dan reguliere dierziekten of humane infectieziekten, omdat meerdere systemen tegelijk geraakt kunnen worden.
Verspreiding kan plaatsvinden via dieren, mensen, transport, handel, ecosystemen of internationale reisbewegingen. Daardoor kunnen ook mobiliteit, grenspassages, import en export en de continuïteit van sectoren binnen het IenW-domein worden geraakt.
Risico’s voor IenW
Zoönosen kunnen voor IenW gevolgen hebben voor onder andere:
-
grensoverschrijdende vervoersstromen en logistiek
-
import- en exportprocessen
-
luchtvaart, scheepvaart en andere vormen van mobiliteit
-
waterbeheer en leefomgeving
-
continuïteit van vitale processen en uitvoeringsorganisaties
De interdepartementale complexiteit is bij zoönosen vaak groter, omdat zowel volksgezondheid als diergezondheid en leefomgeving een rol spelen.
Voorbeelden van zoönosen met mogelijke relevantie voor IenW zijn:
-
vogelgriep
-
Q-koorts
-
Westnijlvirus
-
grootschalige uitbraken van nieuwe infectieziekten met een dierlijke oorsprong
Bij dergelijke situaties kan landelijke en internationale afstemming nodig zijn over maatregelen, signalering en mobiliteit.
Bestuurlijke structuur
Voor zoönosen bestaat een gezamenlijke structuur onder verantwoordelijkheid van VWS en LVVN. Deze structuur sluit aan op de One Health-benadering, waarbij publieke gezondheid, diergezondheid en leefomgeving in samenhang worden bekeken.
Dat maakt de aanpak van zoönosen anders dan die van uitsluitend humane infectieziekten of uitsluitend dierziekten.
Rol van het DCC-IenW
Het DCC-IenW zorgt ervoor dat het ministerie tijdig zicht heeft op zoönosen die gevolgen kunnen hebben voor het IenW-domein.
Het DCC-IenW ondersteunt onder andere door:
-
het verzamelen en duiden van informatie
-
afstemming met betrokken crisispartners en beleidsdirecties
-
signalering van gevolgen voor mobiliteit, grenspassages en infrastructuur
-
voorbereiding van deelname aan interdepartementale crisisoverleggen
Betrokken organisaties
Bij zoönosen werken verschillende organisaties samen.
Ministerie van VWS
VWS is verantwoordelijk voor de publieke gezondheidskant.
Ministerie van LVVN
LVVN is verantwoordelijk voor de diergezondheidskant.
RIVM
Het RIVM speelt een belangrijke rol in signalering, analyse en advisering.
NVWA
De NVWA is betrokken bij detectie, toezicht en uitvoering van maatregelen aan de dierzijde.
IenW-organisaties
Afhankelijk van de situatie kunnen verschillende IenW-onderdelen betrokken zijn, bijvoorbeeld bij mobiliteit, grenspassages, waterbeheer of leefomgeving.
Relevante wet- en regelgeving
Voor zoönosen zijn onder meer de volgende wetten en kaders relevant:
-
Wet publieke gezondheid
-
Wet dieren
-
relevante One Health- en zoönosestructuren
-
nationale en interdepartementale crisisafspraken
Relevante websites
-
One Health / van signaal tot respons
-
RIVM – infectieziektebestrijding
-
NVWA – dierziekten